De Schatkamer

26e zondag door het jaar

27 september 2020


Ezechiël 18, 25-28

Psalm 25, 4bc-5, 6-7, 8-9

Filippenzen 2, 1-11

Johannes 10, 27

Matteüs 21, 28-32



Niet je woorden maar je daden. Niet wat je hebt gedaan maar wat je nu doet. Dat is wat telt voor onze God. Jezus richt zich tot de hogepriesters en oudsten. Dan denk je snel: dat zijn de slechteriken. Maar we moeten voor ogen houden dat dit doorgaans welmenende, geëngageerde mensen waren die hun leven helemaal wilden afstemmen op God. Uitgerekend zij krijgen van Jezus te horen dat hun daden ingaan tegen God. Ze hebben Johannes de Doper geen geloof geschonken. Herinner je de boodschap van Johannes: ‘Bekeer je.’ Wellicht dachten de hogepriesters en oudsten dat dit niet voor hen was. Wie op God gericht is, hoeft zich toch niet meer te bekeren? Dit zijn mensen die elke dag ‘Ja’ zeggen tegen God, bijvoorbeeld in de tempelliturgie. Maar toen het er echt op aan kwam om de kant van God te kiezen, kan je enkel hun ‘Nee’ vaststellen. Hoe choquerend moet het voor deze welmenende tempelgangers geweest zijn om te horen dat ze het in de ogen van God moesten afleggen tegen tollenaars en ontuchtige vrouwen. Deze twee groepen vertegenwoordigen de mensen die willens en wetens ingaan tegen God. Ze kozen er bewust voor te doen wat God mishaagt. Zo vaak hebben zij ‘Nee’ gezegd. Maar toen God hen via de Doper om bekering vroeg, zijn ze erop ingegaan. Zij hebben hun leven omgegooid naar de ‘Ja’-kant. Jezus beschrijft deze omwenteling als een nieuwe kans voor de hogepriesters en oudsten. Toen ze zagen hoe zondaars zich bekeerden, hadden ze toch kunnen doorhebben dat God zelf hier aan het werk was. Maar ook toen hebben ze geen geloof geschonken. Wellicht waren ze zelfs geërgerd dat tollenaars en ontuchtige vrouwen nu plots hetzelfde loon zouden ontvangen als zij, de werkers van het eerste uur.

Als Bijbelkenners hadden ze beter moeten weten. De tekst van Ezechiël die we deze week als eerste lezing beluisteren, windt er geen doekjes om. Voor God tellen niet de keuzes die je ooit gemaakt hebt maar de keuze van dit eigenste moment. De relatie tussen God en mens speelt zich af in een permanent ‘nu’. Elke persoon kan zich hier en nu verzoenen met God en instappen in het verbond. De zonden uit zijn verleden zullen niet aangerekend worden. Andersom geeft een smetteloze staat van dienst geen vrijgeleide om nu willekeurig te leven.

Tijdens de zondagseucharistie nemen we plaats voor God. Dit is het hier en nu van onze relatie met Hem. Ongeacht wie we zijn en waar we vandaan komen, achterlatend wat ons terneerdrukt en ons tot nu toe weerhouden heeft om werkelijk in te treden in het verbond, herinneren we God aan het barmhartige principe dat we bij Ezechiël hebben leren kennen. We gaan voor Hem staan en zeggen: ‘Gedenk uw barmhartigheid, Heer’. Natuurlijk mag dit niet bij “tempelpraat” blijven. Het moet gaan om een bekering die ons leven beïnvloedt. ‘Leer mij uw paden kennen, leid mij volgens uw woord’, bidden we. En: ‘Hij leidt de geringe langs eerzame paden, Hij leert de eenvoudige wat hij moet doen.’

Als we de zondagsliturgie haar werk in ons laten doen, betekent dit dat we God de ruimte geven om ons te transformeren. Daarmee kiezen we een middenweg tussen twee uitersten. Het eerste houdt in dat je denkt dat je verloren bent, dat God niets meer met je kan aanvangen. Het tweede is dat je denkt dat er geen bijstelling nodig is, dat je al de hele tijd op de juiste weg bent. Wij kiezen de middenweg. Mag God je hier en nu raken en richten? Mag Hij je transformeren? Mag Hij je als een herder langs nieuwe wegen leiden? ‘Mijn schapen luisteren naar mijn stem, zegt de Heer, en Ik ken ze en zij volgen Mij’, luidt het vers voor het evangelie. Luister jij echt? Volg je Hem?

Zoals zo vaak klinkt in de tweede lezing een hartstochtelijke roep om je hieraan toe te vertrouwen. Enerzijds geeft Paulus een vermaning aan een gemeenschap van christenen die het gevaar loopt de kern van de zaak uit het oog te verliezen. Anderzijds bemoedigt hij deze gemeenschap om er hier en nu iets aan te doen. Hier blijkt nog maar eens dat al het voorgaande zich niet enkel afspeelt op het niveau van het individu maar ook op dat van de Kerkgemeenschap. Mag Christus ons als gemeenschap transformeren? Luisteren wij echt naar de herder die ons de weg wijst? Dan zal dat zich vertalen in eenheid van denken, eenheid in de liefde, in samenhorigheid en eensgezindheid. Geen partijzucht en ijdelheid maar de nederigheid van iemand die het belang van de ander hoger inschat dan zijn eigen belang. Dat is de gezindheid van Christus. Daarin willen we Hem volgen.

kathedraal Antwerpen  -  Groenplaats 21  -  2000 Antwerpen

www. dekathedraal.be           info@dekathedraal.be