De Schatkamer

3e zondag door het jaar

26 januari 2020


Jesaja 8, 23b-9, 3

Psalm 27, 1, 4, 13-14

1 Korintiërs 1, 10-13, 17

Matteüs 4, 23

Matteüs 4, 12-23

Vanaf het derde hoofdstuk van Matteüs bevinden we ons in de tijd van Jezus’ volwassenheid. Eerst geeft de evangelist het getuigenis van Johannes de Doper over de identiteit van Jezus weer. Vervolgens vertelt hij over twee ontmoetingen die deze identiteit bevestigen: Jezus’ ontmoeting met Gods geest bij zijn doop en Jezus’ ontmoeting met de duivel in de woestijn. Het evangelie van vandaag sluit direct op dit laatste tafereel aan.

Jezus, die uit Galilea naar Juda getrokken was om zich door Johannes te laten dopen, keert bij het nieuws van de gevangenneming van de Doper terug naar Galilea. Hij gaat echter niet naar zijn vroegere woonplaats maar naar Kafarnaüm. De naam van deze plaats betekent ‘Dorp van troost’, maar dit is niet de reden waarom Matteüs zo de nadruk legt op Jezus’ verhuis. Voor Matteüs gaat het hier om een profetische handeling. Wie Jezus’ zending wil verstaan, moet Jesaja’s profetie over het land van Zebulon en Naftali voor ogen houden. Ooit ten prooi gevallen aan gewelddadige invallen, vertegenwoordigen deze twee gebieden voor Jesaja het wanhopige verlangen van mensen naar bevrijding. Vandaag zou Jezus misschien verhuizen naar de Gazastrook of naar Soedan. Wie daar woont, heeft aan den lijve ondervonden wat Jesaja bedoelt met doodse duisternis. Wie daar woont, kent het hartstochtelijk verlangen naar licht dat een weg toont die toekomst biedt. Jesaja kondigt dit licht aan en de uitbundige vreugde die ermee gepaard gaat. Matteüs verkondigt de vervulling van de profetie: in Jezus is dit licht opgegaan. In Hem is het Rijk der hemelen dichtbij gekomen.

We hebben het al gehoord tijdens de advent, het ‘Rijk der hemelen’ is een centraal begrip in het Matteüsevangelie. Deze woorden roepen het beeld op van een harmonieuze realiteit waarin iedereen verenigd is in een samenleving die gericht is op God. Allen delen in het eeuwige heil. Overigens is Jezus niet erg origineel met deze uitspraak. Hij neemt de profetie van Johannes de Doper over die we beluisterden tijdens de tweede zondag van de advent. Het gaat om een Joodse verwachting die haar wortels vindt in het boek Daniël. Na de vier wereldse heerschappijen zal de Messias het Goddelijke Rijk komen vestigen, lezen we daar.

Bij dit Rijk hoort een evangelie: een blijde boodschap. Het is Jezus’ zending om deze Blijde Boodschap bij de mensen te brengen, verkondigend in geheel Galilea. Deze heilsaanzegging gaat enerzijds gepaard met onderricht – ‘Hij trad als leraar op in de synagogen’ – en anderzijds met heling – ‘Hij genas alle ziekten en kwalen onder het volk’. Het mag duidelijk zijn dat deze evangelietekst als een ouverture werkt waarin de belangrijkste thema’s van de komende weken en maanden voor het eerst worden aangeraakt.

Een van die thema’s hebben we hier nog niet genoemd: de reactie op Jezus’ verkondiging. ‘Komt, volgt Mij’, zegt Hij. De nabijheid van het Rijk der hemelen houdt ook een roep om bekering in. De liturgie nodigt ons uit om, vertrekkend van de herkenning van Jezus als licht van de wereld, ons leven op Hem af te stemmen. ‘De Heer is mijn licht en mijn leidsman’, zingen we met psalm 27. Deze belijdenis verdrijft onze angst, richt ons verlangen op zijn woning en doet ons uitkijken naar het diepst mogelijke geluk: het heil van de Heer.

Tegelijk ervaren we hoe kwetsbaar het Rijk der hemelen is. Paulus voelt de noodzaak om het evangelie van Gods Rijk opnieuw te verkondigen omdat hij heeft vernomen dat de christenen van Korinte er een andere praktijk op na houden. We hebben het Rijk der hemelen gedefinieerd als: ‘een harmonieuze realiteit waarin iedereen verenigd is in een samenleving die gericht is op God’. Het tegengestelde hiervan is verdeeldheid en onenigheid. Precies wat er zich in de kerk van Korinte afspeelt. Vandaar de sterke term aan het begin van de tweede lezing: ‘Ik bezweer u’. Paulus weet dat eensgezindheid geen kwestie van hoffelijkheid of pragmatisme is. Het maakt de kern uit van Jezus’ persoon, van zijn zending en verkondiging. Het is de grond van zijn kruisdood. Zou Hij deze brief vandaag ook kunnen sturen aan onze kerkgemeenschap? Herken je jezelf in de tegenstelling ‘van Paulus’, ‘van Apollos’, ‘van Kefas’, ‘van Christus’?

‘Het Rijk der hemelen komt dichtbij’, verkondigt Jezus. Aan ons om daarin de richting van ons leven te herkennen.

kathedraal Antwerpen  -  Groenplaats 21  -  2000 Antwerpen

www. dekathedraal.be           info@dekathedraal.be