De Schatkamer

Vierde zondag van de advent

13 december 2020


2 Samuel 7,1-5.8b-12.14a.16

Psalm 89,2-3, 4-5, 27 en 29

Romeinen 16,25-27

Lucas 1,38

Lucas 1,26-38



Maria, poort van Gods genade is een lied waarvan de tekst is aangeleverd door de werkgroep De Hoeksteen. Naar aanleiding van Vaticanum II heeft deze groep in 1965 een nieuwe liturgische muziekbundel samengesteld. Daarbij botsten ze op het gegeven dat vele bekende Marialiederen eerder een devotioneel dan een liturgisch karakter hadden. Bovendien kwam het Bijbels gehalte van vele Mariateksten niet tegemoet aan de verwachtingen van de liturgische hervorming. Dus besloot de werkgroep zelf een tekst te schrijven. De focus legden ze op het beeld van de poort. Maria is de poort waarlangs Gods genade binnenkomt in het bestaan. Door deze bril zullen we de lezingen van de vierde adventszondag bekijken. 

De laatste zondag voor Kerstmis maakt duidelijk dat Gods genade niet uit de lucht komt gevallen. We naderen het hoogtepunt van een geschiedenis. Een van de hoofdrolspelers in dit verhaal leefde duizend jaar vroeger dan Maria: koning David. Hij was Gods lieveling, door de Heer van de hemelse machten zelf gekozen om koning te zijn voor het volk Israël. Hij heeft voluit ervaren wat het betekent Gods genade te mogen ontvangen. ‘Op al uw tochten heb Ik u bijgestaan’, zegt God, ‘uw naam heb Ik grootgemaakt.’ Maar God maakt ook duidelijk met welk doel Hij David heeft begunstigd. Het was Hem om het volk te doen. ‘Ik heb mijn volk Israël een gebied gegeven en het daar geplant om te wonen. Het wordt niet meer opgeschrikt.’ Toch is de tijd van David niet het hoogtepunt. Het is slechts een voorsmaakje. Er komt een nazaat. Hem zal God hoog verheffen. ‘Ik zal hem tot vader zijn en hij zal mijn zoon zijn.’ 

De antwoordpsalm laat David aan het woord die op deze grootse belofte dankbaar reageert. Drie strofes van vier regels zingen we met David uit psalm 89. Wat opvalt: slechts twee van de twaalf regels vormen de eigenlijke lofzang: ‘Uw gunsten, Heer, wil ik bezingen, uw trouw verkondigen aan elk geslacht.’ De andere tien regels zijn een herhaling van Gods woorden. Het is alsof David aan God wil duidelijk maken dat hij de belofte goed heeft begrepen. ‘Gij hebt gezegd: “Ik heb met David een verbond gesloten. Voor altijd kan hij rekenen op mijn genade.”’ Als wij in de eucharistie deze psalm zelf in de mond nemen, plaatsen we ons in de positie van Davids nakomelingen die God herinneren aan zijn belofte en Hem daarvoor danken. 

De tweede lezing maakt echter duidelijk dat wij ons geprivilegieerd mogen weten in vergelijking met David en de zijnen. De mensen van het oude verbond hebben de belofte niet in vervulling weten gaan. De nazaat in kwestie hebben ze nooit ontmoet. Van zijn verheffing weten ze niets. Voor ons daarentegen is het geheim onthuld. De belofte is ingelost. Het woord is vlees geworden. Dit is gebeurd via Maria. Zij is de poort van Gods genade omdat zij de langverwachte ter wereld brengt. Over Jezus zegt de engel tot Maria: ‘God de Heer zal Hem de troon van zijn vader David schenken en Hij zal in eeuwigheid koning zijn over het huis van Jakob en aan zijn koningschap zal nooit een einde komen.’ 

De grootsheid van dit gebeuren staat in contrast met de eenvoud van het meisje in wie het tot stand komt. Toch benadrukt het evangelievers dat God zich in zekere zin van haar afhankelijk maakt. Zij stemt in: ‘Zie de dienstmaagd des Heren, mij geschiede naar uw woord.’ De ietwat oubollige vertaling van Maria’s woorden versluiert de oudtestamentische wortels ervan. ‘Hier ben ik’, zegt Maria en daarmee schaart ze zich in een rij van grote Bijbelse personages die ‘ja’ zeggen als ze door God geroepen worden. Abraham, Mozes, Samuël, Jesaja, ze gebruiken allemaal dezelfde term. Het is door hun ‘ja’ dat ze gelovige mensen hebben getoond. Ze zijn deel geworden van Gods geschiedenis met zijn volk. 

Dat herkennen en vieren wij op deze adventszondag in Maria. Daarom zingen wij haar in dankbaarheid toe: ‘Gegroet, Gij Moeder van genade, U prijzen alle volken groot. Gezegend zijt Gij onder de vrouwen. Gezegend die Gods woord hebt geloofd.’

kathedraal Antwerpen  -  Groenplaats 21  -  2000 Antwerpen

www. dekathedraal.be           info@dekathedraal.be