De Schatkamer

5e zondag in de Paastijd

2 mei 2021


Handelingen 9, 26-31

Psalm 22, 26-27, 28 en 30, 31-32

1 Johannes 3, 18-24

Johannes 15, 4a, b5

Johannes 15, 1-8



Handelingen

Vorige week hoorden we Petrus spreken tot de joodse overheden in Jeruzalem. De vijandige houding die er toen was leidt in de daarop volgende hoofdstukken in het boek Handelingen tot de dood van de eerste christelijke martelaar, Stefanus. Toch is het werk van de verkondigers niet vruchteloos. De gemeenschap groeit aan. Zelfs onder de joodse vervolgers is bekering mogelijk. We zijn nog steeds in Jeruzalem als we Paulus ontmoeten. Hij was er bij toen Stefanus gestenigd werd. Hij had zich een van de felste tegenstanders van de christenen getoond. Maar onderweg naar Damascus had de verrezen Heer zelf hem aangesproken en de vervolger was een apostel geworden. Zo arriveert Paulus in Jeruzalem. Geen wonder dat de christenen daar argwanend zijn. Is dit een slinkse poging om zoveel mogelijk volgelingen van Jezus te arresteren en te elimineren? 

Dank zij het getuigenis van Barnabas wordt Paulus geaccepteerd en al snel kunnen ze vaststellen dat Paulus ‘een echte’ is aangezien hij ‘onverschrokken optrad in de naam van de Heer’. Dit onverschrokken optreden is de vertaling van het Griekse werkwoord dat afgeleid is van de term ‘parrèsia’ - vrijmoedigheid. Het is wat we al zagen in de woorden van Petrus. Ongeacht de gevolgen de waarheid zeggen. Wetend dat het Stefanus het leven heeft gekost en dat dit slechts het begin was. Het duurt niet lang of Paulus zit in hetzelfde straatje. Men wil van hem vanaf. 

Waar halen deze eerste christenen de vrijheid en de moed om toch door te zetten? In de naam van de Heer. De naam staat voor de persoon in al zijn aspecten. Paulus leeft niet meer voor zichzelf maar voor Christus. 


1 Johannes

Ook in de tweede lezing ontmoeten we vrijmoedigheid: ‘Dierbare vrienden, daar ons geweten ons dus niet hoeft te veroordelen, mogen wij vrijmoedig met God omgaan.’ Hier gaat het dus niet over de manier waarop we ons richten tot de anderen maar over de manier waarop we omgaan met God. Ook tegenover God mogen we ons vrij voelen om alles te zeggen, zelfs wat ons hart bezwaart. De intieme band met God die deze vrijheid garandeert, noemt onze vertaling: ‘thuishoren bij de waarachtige God’. Hieraan is wel een voorwaarde verbonden: de liefde niet alleen in woorden en leuzen te beleven maar in concrete daden. In de Griekse tekst staat het woord ‘waarheid’ centraal in deze zinnen. Wie zijn leven waarachtig afstemt op God, is zelf een vrucht van de waarheid. Deze afstemming toont zich in twee dimensies: ‘van harte geloven in zijn Zoon Christus en elkaar liefhebben zoals Hij ons bevolen heeft’. Het doet denken aan hoe Jezus een dubbel gebod formuleerde als belangrijkste: ‘Bemin God en uw naaste’. De spil van dit alles is de verbondenheid met Christus. Als Hij de basis mag zijn van je keuzes, klein en groot, dan wordt een relatie geboren die onwrikbaar is. Jij blijft in God en God blijft in jou. Johannes gebruikt dit werkwoord graag om de fundamentele band tussen God en mens uit te drukken. ‘Blijft in Mij, dan blijf Ik in u, zegt de Heer; wie in Mij blijft, draagt veel vrucht’, klinkt het evangelievers en citeert daarmee uit het evangelie van deze zondag.


Evangelie

Om de diepgang van het ‘blijven’ te evoceren, gebruikt Jezus het beeld van de wijnstok en de ranken. Zo organisch moeten Jezus en zijn leerlingen verbonden blijven. Er zijn vier elementen in de vergelijking. God is de wijnbouwer. Hij investeert in zijn grond en in zijn planten met de verwachting dat Hij op een bepaald moment kan oogsten. De vruchten zijn een tweede element. De tekst van het evangelie preciseert niet wat hiermee bedoeld wordt. Dat is voor een andere zondag. In deze tekst ligt de focus op de twee elementen die nodig zijn om de wijnbouwer zijn vruchten te laten oogsten: de wijnstok en de ranken. Jezus en zijn leerlingen. 

Dit is toch een merkwaardige gedachte: God kijkt verwachtingsvol naar ons in de hoop dat wij Hem kunnen geven wat Hij verlangt. Meestal beleven wij onze relatie met God omgekeerd. Toch is het beeld duidelijk. Bovendien wordt hier duidelijk hoe Jezus zijn rol ziet. Hij brengt zelf niet de vruchten voort maar is onmisbaar in het proces dat tot de oogst leidt. Alles staat of valt met de verbinding tussen de wijnstok en de ranken. ‘Blijft in MIj, dan blijf Ik in u’. 


 

kathedraal Antwerpen  -  Groenplaats 21  -  2000 Antwerpen

www. dekathedraal.be           info@dekathedraal.be