De Schatkamer

6e zondag van Pasen

17 mei 2020


Handelingen 8, 5-8, 14-17

Psalm 66, 1-3a, 4-5, 6-7a, 16 en 20

1 Petrus 3, 15-18

Johannes 14, 23

Johannes 14, 15-21


Handelingen

Wie vorige week goed heeft opgelet, merkt dat er iets raars aan de hand is bij het begin van deze lezing uit het boek Handelingen. Filippus is een van de mannen die de ‘diaconie van de tafel’ moet opnemen. En hier zien we hem de Messias prediken: de ‘diaconie van het woord’. Wat is er gebeurd? Hoofdstuk 8 van de Handelingen vertelt dat er een grote vervolging uitbreekt tegen de Kerk in Jeruzalem. De gemeenschap moet zich verspreiden. Zo komt Filippus in Samaria terecht. In zekere zin moeten de christenen opnieuw beginnen. Voor je toekomt aan de ‘diaconie van de tafel’ is er ‘diaconie van het woord’ nodig. Het is typisch aan de Bijbelse geschiedenis dat het heil zich ook realiseert via menselijke tragedies. Door de vervolging in Jeruzalem deint de kring van christenen uit. Samaria is daarin de eerste stap. Al honderden jaren zijn Samaritanen en Joden elkaar vijandig en Samaria is voor een Jood verboden terrein. Nochtans delen ze een belangrijk deel van de Bijbelse geschiedenis en behoort ook Samaria tot het heilig land. De ideale overgangsplek tussen Judea en het gebied van de heidenen. 

Wat zich vervolgens afspeelt, is niet erg origineel. In Filippus herkennen we de Jezus uit het Lucasevangelie en de apostelen uit de eerste hoofdstukken van Handelingen. Filippus spreekt en stelt tekenen. Onreine geesten worden uitgedreven, lammen en kreupelen zijn genezen. Vreugde vervult de mensen als ze zien en horen wat gebeurt. Je kan het ook zo vertellen: Filippus’ verkondiging heeft hen diep in het hart geraakt. ‘Wat moeten we doen?’ vroegen ze. ‘Bekeer u en laat u onderdompelen in Christus’, antwoordde Filippus. En ook aan hen vertrouwde de verrezen Christus de Heilige Geest toe door de handen van zijn apostelen. Vanaf toen ‘legden zij zich ernstig toe op de leer van de apostelen, bleven trouw aan het gemeenschappelijke leven en ijverig in het breken van het brood en het gebed’. En onder hen werden mensen aangesteld voor de ‘diaconie van het woord’ en voor de ‘diaconie van de tafel’. 

Waar bevinden wij ons in deze cyclus? Wie ben jij in dit verhaal? Waar is Christus aan het werk in ons leven? 


Eerste Petrusbrief

Goed, kaarten op tafel nu. Wat als Christus jou op dit moment zou vragen de ‘diaconie van het woord’ op je te nemen in Samaria? Natuurlijk niet in de geografische locatie. Bij mensen met wie je wel een geschiedenis deelt maar die andere wegen zijn uitgegaan, bijvoorbeeld. Iedereen kent wel mensen die zeggen dat ze wel christelijk zijn opgevoed, maar… Dat kan op je werk zijn, of in je vriendengroep. Misschien op een familiefeest en zelfs in de parochie. In ieder geval vraagt de ‘diaconie van het woord’ dat je uit je comfortzone treedt. Herinner je dat het heden van de gedoopte gekenmerkt wordt door lijden en beproeving. Hoe herkenbaar klinkt het vandaag: christenen worden op de proef gesteld door mensen ‘die uw goede christelijke levenswandel beschimpen’. Er wordt veel geklaagd in onze Kerkgemeenschappen maar eerlijk gezegd moeten we ons de vraag durven stellen of wij niet al te lang bezig zijn met het ontlopen van de inherente moeilijkheid van het christen zijn. Opnieuw herinnert Petrus ons eraan dat wij geroepen zijn dezelfde weg af te leggen als Jezus: lijden voor het goede dat je doet, gedood worden naar het vlees, ten leven gewekt naar de Geest. Alleen wie bereid is deze weg te gaan, kan naar waarheid zeggen dat hij Christus in zijn hart heiligt als Heer. Hij is niet gericht op een comfortabel leven met de nodige dosis rust, plezier en luxe. Hij staat altijd klaar in woord en daad verantwoording af te leggen van de hoop die in hem leeft. 


Evangelie

Waar het geestelijke huis van God wordt opgebouwd, daar woont de Heilige Geest. Jezus noemt Hem de Helper en de Geest van de waarheid. In het sacrament van het Vormsel hebben wij zijn zegel ontvangen. De Geest heeft zich enerzijds in ons geïnvesteerd en anderzijds hebben wij de licentie ontvangen om die Geest te vertegenwoordigen in onze wereld. Het Griekse woord voor ‘helper’ kan je ook verstaan als ‘advocaat’. Als wij de Geest ontvangen, hebben we een goede advocaat in moeilijke tijden. Tegelijk worden wij als Jezus’ advocaat de wereld ingestuurd. Als wij de Geest ontvangen, kunnen we in onszelf terugvallen op de diepste bron van waarheid omtrent het bestaan. Tegelijk zijn we geroepen van deze waarheid getuigenis af te leggen in een wereld die er niet klaar voor is. Zoals Filippus in Handelingen het gelaat, de mond, de handen en het hart van Jezus wordt, zo zijn wij door het sacrament van doopsel en vormsel geroepen om Gods reddende handelen tot bij onze naasten te brengen. ‘Gij in Mij en Ik in u’, zegt Jezus. En dat alles gebouwd op liefde. ‘Als iemand Mij liefheeft, zal hij mijn woord onderhouden, zegt de Heer; Mijn Vader zal hem liefhebben, en Wij zullen tot hem komen.’ Het vers voor het evangelie maakt het nog maar eens duidelijk: in de relatie met Jezus lopen belofte en roeping helemaal in elkaar over. 

kathedraal Antwerpen  -  Groenplaats 21  -  2000 Antwerpen

www. dekathedraal.be           info@dekathedraal.be