De Schatkamer

Feest van de Heilige Familie

29 december 2019


Sirach 3, 2-6, 12-14

Psalm 128, 1-2, 3, 4-5

Kolossenzen 3, 12-21

Kolossenzen 3, 15a en 16a

Matteüs 2, 13-12, 19-23


Ik schrijf deze bladzijden met een oud lectionarium van onze kathedraal naast me. Het is een uitgave van 1971, een van de eerste officiële publicaties voortkomend uit de liturgische omwentelingen van het Tweede Vaticaanse Concilie. Ik weet dus niet wie het geweest is, maar een van de vorige gebruikers heeft in dit lectionarium hier en daar aantekeningen gemaakt. Bij de tweede lezing van de zondag van de Heilige Familie heeft die persoon aangegeven dat de laatste vier verzen niet gelezen mogen worden. Zijn vermetelheid heeft een profetisch karakter. In 2018 heeft een gelijkaardige passage immers voor een nationale mediarel gezorgd. Het land stond eventjes op zijn kop omdat in de uitzending van de TV-mis vanuit Grimbergen voorgelezen werd dat de vrouw onderdanig moet zijn aan de man. De predikant werd kwalijk genomen dat hij deze tekst niet geduid had. Al gauw werd het de Kerk kwalijk genomen dat ze zulke ouderwetse ideeën verkondigde. In zijn boek Over identiteit komt zelfs Bart De Wever op dit voorval terug om zijn stelling kracht bij te zetten dat de rol van de katholieke Kerk is uitgespeeld in Vlaanderen. Of althans in zijn visie op Vlaanderen.

Laten we duidelijk zijn: als we in een Bijbelse tekst horen ‘Vrouwen, wees uw man onderdanig’ betekent dat niet dat de vrouw onderdanig en de man autoritair moeten zijn. Zo’n manier van lezen is immers fundamentalistisch. Ze interpreteert niet. Met name brengt zo’n leeswijze niet in rekening dat de context waarin deze woorden zijn geschreven verschilt van de onze. Ze houdt geen rekening met de historische ontwikkeling van de rolverdeling van man en vrouw in een gezin. Wie de Bijbel fundamentalistisch leest, komt voortdurend voor onhoudbare richtlijnen. Opeens wordt het dan aanvaardbaar om slaven te hebben. En als je zoon ongehoorzaam is en je aanwijzingen blijft negeren, moet je hem laten stenigen! Interpreteren dus. De tekst klinkt al heel anders als je de hedendaagse gelijkwaardigheid van de partners in een relatie incalculeert. Vervang de termen ‘vrouw’ en ‘man’ eens door het gender-neutrale ‘echtgenoten’. Opeens krijgt deze oproep relevantie voor iedereen die gehuwd is. Daarmee is het laatste woord hierover niet gezegd – wat met de niet-gehuwden? – maar we krijgen een idee van wat mogelijk is.

In ieder geval is het geen oplossing om stukken tekst weg te gommen en te doen alsof ze niet bestaan. Op dat vlak is de vermetelheid van de persoon die aantekeningen maakte in het oude lectionarium een teken van kortzichtigheid. Het is namelijk precies vanwege deze verzen dat de tekst gekozen is als tweede lezing. Zonder de aansporingen aan vrouwen, mannen, kinderen en vaders, vindt deze tekst geen aansluiting bij de rest van de gekozen lezingen. Op deze zondag van de Heilige Familie staan namelijk de familierelaties centraal. Kijkend naar het gezin waarin Jezus opgroeit, leren we iets over onze roeping tot familiemens.

Het model is Jozef. Niet dat we het dus alleen gaan hebben over de vaders. Het evangelie toont ons Jozef als een voorbeeld voor mannen en vrouwen. Twee parallelle gebeurtenissen staan beschreven. Telkens is het een engel die alles in gang zet. Zijn bevel wordt letterlijk herhaald: ‘Sta op, neem het kind en zijn moeder’. Jozef krijgt de Goddelijke roeping om de protagonisten van het verhaal van God en zijn volk in bescherming te nemen. ‘Sta op’, herinnert aan de talloze malen dat God zijn profeten op weg stuurt. Daarom is het zo belangrijk dat de opdracht twee maal onmiddellijk gevolgd wordt door ‘Hij stond op’. Niet toevallig sluiten beide episodes met de aanduiding dat het woord van de profeet in vervulling gaat.  Jozef komt niet aan het woord in dit evangelie. Hij staat voortdurend op de achtergrond. Maar in alle bescheidenheid is hij door zijn zorgende handelen ervoor verantwoordelijk dat de Blijde Boodschap geschiedenis maakt.

Zo zijn wij geroepen om met elkaar om te gaan. Zo horen wij familie te vormen. De eerste lezing uit het boek Sirach zet in het licht hoe we horen om te gaan met onze ouders. Tot vijf maal toe spreekt de tekst over het ‘eren’ van je ouders. Uiteraard herinnert dit aan een van de tien geboden. Om je ouders te eren hoef je geen ceremonieën te organiseren. Eerder gaat het over het ‘in ere houden’. De hun rechtmatige plaats gunnen. Zij zijn degenen door wie jou het leven is geschonken. Naast levenslange dankbaarheid, hoort daar gehoorzaamheid bij en zorg. Finaal ook barmhartigheid.

Wat met mensen wiens ouders niet voor hen gezorgd hebben? En met kinderen die moeten leven met de kwetsuren van mishandeling en misbruik? Sommige ouders geven door hun handelen hun ereplaats op. Dan blijft enkel de mogelijkheid van het barmhartige medelijden. ‘Medelijden bouwt uw huis op’, zegt Sirach. Dat beamen wij in de antwoordpsalm. Wie de weg van de Heer gaat, zal voorspoed ondervinden met zijn vrouw en zijn kinderen. In goede en kwade dagen weet deze mens zich immers gedragen door Gods zegen.

In de brief aan de Kolossenzen verbindt Paulus de befaamde opdracht tot onderdanigheid en liefde met de vrede van Christus. Wie teder en goed, deemoedig, zacht en geduldig met de ander omgaat, wie verdraagzaamheid toont en vergeven kan, wie bij dit alles de liefde voegt, zal voelen dat de vrede van Christus leeft in zijn hart. Terecht klinkt deze belofte nog eens als vers voor het evangelie. Dit zijn geen abstracte houdingen, geen wollige ‘christelijke waarden’. Dit gaat over de concrete manier waarop wij met elkaar omgaan. In eerste instantie met onze huisgenoten. Die kennen we het beste. Die kunnen ons het meest op onze zenuwen werken. Die kunnen ons het diepste kwetsen. Het vraagt een grote kracht om hier onderdanig en liefdevol mee om te gaan.

Jozef is het voorbeeld. Onze huisgenoten zijn ons oefenterrein. Uiteindelijk gaat het echter om meer. Onze familie, dat zijn al onze broeders en zusters. Dat zijn alle mensen die ons gegeven worden als geschenk en als opdracht. Jozef moet het gaandeweg ook nog leren: zijn werk in het gezin betekent Blijde Boodschap voor de hele schepping!

kathedraal Antwerpen  -  Groenplaats 21  -  2000 Antwerpen

www. dekathedraal.be           info@dekathedraal.be